Inspiratie en vervreemding op het werk

Door: Jan Willem Eggink

Het thema ‘vervreemding’ vergezelt me al mijn hele leven.  Ik ben me van jongsaf erg bewust van de momenten waarop ik me laat meenemen in een systeem of groep waar ik niet 100% achter sta. Ik voel dan de discrepantie groeien tussen wie ik ben en wat ik doe. Het voelt alsof ik niet in de goede film zit, verdwaald ben in het labyrinth van het lot en de keuzen die ik heb gemaakt in mijn leven. En net als bij een echt labyrinth is de weg terug naar mezelf meestal niet zomaar één twee drie weer gevonden.  

Mijn eerste indringende ervaring van ‘vervreemding’ herinner ik mij toen ik als jongetje van 8 naar TV-beelden keek van de hongersnood in Biafra. Ik weet nog waar ik in de kamer stond. Ik zag een jongetje dat met zijn bolle hongerbuik in een desolate woestijn schreeuwde om zijn moeder. Een jongetje dat, net zo oud als ik, toevallig ergens anders geboren was. Maar nu stond hij wel opeens in onze huiskamer dood te gaan van de honger. Iets klopte hier niet. Iets was verschrikkelijk fout. Ik wilde iets doen, maar ik kon op geen enkele manier bedenken wat precies. Het was te ver en toch tegelijk zo dichtbij, veel te dichtbij. Mijn hoofd barstte bijna. Terwijl de tranen uit mijn ogen spoten ben ik naar buiten gerend en ben gaan voetballen. 

escher
Mijn gevoeligheid voor ‘vervreemding’ heeft er o.a. voor gezorgd dat ik nooit in grote organisaties ben gaan werken en ik mijn vak heb gemaakt van  het versterken van ‘persoonlijke inspiratie en leiderschap’ van concrete levende mensen.  Wat mij boeit is hoe mensen het voor elkaar krijgen om geïnspireerd te blijven terwijl ze werken in systemen die dat soms wel erg moeilijk maken. Kijk bijvoorbeeld naar de leraren en verplegers die meer tijd bezig zijn met formulieren invullen dan met het werk waarvoor ze hun beroep hebben gekozen.  Iets gaat daar fout, maar wat doe je eraan?

Inmiddels is er een hele beweging op gang gekomen van ‘professionals’ die hun beroepseer weer terug willen. Een initiatief dat ik van harte toejuich, maar wat ook alle kenmerken van een achterhoedegevecht heeft. Met de toegenomen en nog steeds toenemende technische mogelijkheden, zullen de controle en stuur-systemen in organisaties steeds slimmer worden en steeds meer ons persoonlijke leven penetreren en gaan bepalen. Dat houd je niet tegen. Mijn bevlogen verontwaardiging daarover is weg. 
Wat blijft is een schrijnend ongemak dat af en toe de kop op steekt. Bijvoorbeeld als ik praat met computers die zich voordoen als levende dames (waarom eigenlijk altijd dames, zijn computers vrouwelijk?).

Ik richt mij liever op de kunst om als uniek individu om te gaan met de alledaagse ‘vervreemding’ die van alle kanten op ons af komt. Niet door deze te ontkennen, maar door er  iets creatiefs tegenover te stellen.  Daarom heb ik samen met mijn partner en collega Gerry van der Hulst van “De Professionele Mens” een studiedag over dit thema georganiseerd.

Het kernwoord is Inspiratie, letterlijk “begeestering” of “inblazing”, niet te verwarren met zijn kleine broertje Motivatie, dat een meer duurzame staat van gerichte wilskracht aanduidt.  Inspiratie is de ‘goddelijke vonk’ die creativiteit losmaakt en een originele expressie van wie je bent. Werkgevers willen graag gemotiveerde werknemers, terwijl geïnspireerde werknemers soms lastig kunnen zijn.  Geld is voor bijna alle mensen een belangrijk motief om te werken. Slechts voor enkelen is geld werkelijk een bron van inspiratie in hun werk.

Inspiratie is zelf wel een belangrijke bron van motivatie. Geïnspireerde collega’s of bazen zijn motiverend voor anderen. Het zijn creatieve, levende mensen die als baken dienen voor veel medewerkers in de vaak woelige zee van voorschriften, procedures, regels, doelen en pretenties die de organisatie is.

Iedereen kent de ervaring van geïnspireerd zijn en van zijn inspiratie weer verliezen. Inspiratie heeft ook iets ongrijpbaars: het ene moment ben je enthousiast, heb je er zin in en geloof je in wat je doet  en het volgende moment slaat de twijfel toe, zie je het niet meer zitten en laat je de moed zakken. Alle vrije kunstenaars kennen de afwisseling van perioden van inspiratie en van gemodder en vertwijfeling.  Kennelijk speelt er meer mee dan de mate van ‘vervreemding’ van de omgeving of het systeem.  Laat ik enkele persoonsgebonden factoren noemen:

Twijfel is een erkende killer van inspiratie. Eentje waar ik zelf bijzonder veel ervaring mee heb. Als je twijfelt denk je teveel na over wat er allemaal mis kan gaan. Zo denk je jezelf de put in.

Doelgericht handelen, werken aan je ideaal, daarentegenen levert inspiratie op, vooral als er concrete resultaten geboekt worden. Daarom is het bij veranderingsprocessen in organisaties zo belangrijk om korte termijn successen te behalen. Van iets wat succes heeft, word je sneller enthousiast. Dus inspiratie, actie en resultaten horen bij elkaar.

Inspiratie heeft net zoveel gezichten als er mensen zijn.  Je hebt van die flamboyante, extraverte  types, die snel in vuur en vlam staan voor een goed idee en zich er meteen helemaal instorten. Daar spettert de inspiratie vanaf. Toch zijn die mensen natuurlijk helemaal niet noodzakelijkerwijs meer geïnspireerd dan die verlegen introverte nerds die prachtige computergames maken of boeken schrijven.

 

polsstok

Elke tegenslag is een bron van inspiratie

Elk balen en elke tegenslag is een potentiële bron van inspiratie.
Als kleine zelfstandige trainer/adviseur verzin ik allerlei trainingen en producten die ik mooi vind en waarvan ik denk dat ze een zinvolle bijdrage kunnen leveren aan de maatschappij. Dat is mijn inspiratie. Maar ik moet die producten nog wel verkopen ook.  Dat is minder mijn ding. Nadat ik het programma heb bedacht en de folder de deur uit heb gedaan, vind ik dat de inschrijvingen maar vanzelf moeten binnenstromen. Als dat dan niet gebeurt, is mijn eerste reactie op de maatschappij te gaan foeteren.  Daar zou ik in kunnen blijven hangen en dan wordt het nooit wat.  Als ik mezelf beet pak en dwing om na te denken over wat ik nog meer zou kunnen doen, onstaan opeens allerlei creatieve ideeën, zoals het schrijven van dit artikel. Inspiratie!


Driebergen, mei 2007

PDF-versie van dit artikel

 

<< Terug naar Publicaties